|
Isis:
liefde van een godsmoeder
Op vrijdagavond 16 maart
2012 geeft Huub Pragt in Hilversum een gratis lezing.
De godin Isis was van oudsher het symbool van liefde en moederschap
bij de Egyptenaren. Ze is vooral te herkennen aan de hiëroglief
van een troon die ze op haar hoofd draagt. Hiermee wordt haar
naam geschreven. Isis wordt ook voorgesteld als een vrouw
met vleugels. Liefdevol spreidt zij deze uit over alles wat
haar bescherming kan gebruiken. In haar rol van liefhebbende
echtgenote ontfermt Isis zich vooral over het dode lichaam
van haar broer en echtgenoot, de god van het dodenrijk Osiris.
Samen met haar zus Nephtys is ze dan te zien bij de liggende
mummie. Een mythe vertelt hoe Isis met haar magische krachten
Osiris tot leven weet te wekken. Zij wordt zwanger en baart
zijn opvolger Horus. Als moedergodin koestert ze haar kind
Horus die ze vaak op haar schoot heeft genomen en de borst
geeft. Door de mythe over de geboorte van Horus werd Isis
ook de symbolische moeder van de levende farao op aarde. In
het oude Egypte werd de regerende farao namelijk gelijk gesteld
aan de valkgod Horus.
Na de lezing bestaat de mogelijkheid
om het boek Kunstroof
in Egypte aan te schaffen. Ieder verkocht exemplaar
zal door Huub Pragt worden gesigneerd.
Deze thriller kost € 17,95.
De lezing vindt vanaf 20.00 uur
plaats in de grote zaal van gebouw De Morgenster, Seinstraat
2 in Hilversum. De zaal met een capaciteit: van 300 personen
wordt een half uur voor aanvangstijd van de lezing geopend.
De Morgenster beschikt over een ruime gratis parkeergelegenheid.
Klik hier voor de routebeschrijving naar: De
Morgenster.
De toegang tot de lezing is gratis, reserveren is gewenst.
Klik hier om te:
reserveren.
Lezingen op aanvraag
Bedrijven, scholen, verenigingen
of particulieren kunnen een lezing over een oud-Egyptisch
onderwerp aanvragen. Huub Pragt komt tegemoet aan de wensen
van degene die de lezing aanvraagt en levert maatwerk voor
iedere specifieke doelgroep. Mogelijke onderwerpen zouden
kunnen zijn:
- De Kunst van het Oude Egypte
- Voeding in het Oude Egypte
- Geneeskunde bij de Egyptenaren
- Farao's, mummies en piramides
- Het Egyptische dodengeloof
- Dierenmummies
- De Egyptische sterrenhemel
- Militaire veroveringen
- Begrafenisrituelen in het Oude Egypte (zie beschrijving)
- Toetanchamon (zie beschrijving)
- De Verborgen Tombe (zie beschrijving)
- Nubië: Land van de Zwarte Farao's (zie beschrijving)
- De Nachtelijke Hemelreis (zie beschrijving)
- Hiërogliefenschrift (zie beschrijving).
De tijdsduur van een lezing kan
variëren. Kosten op aanvraag 035-6831657.
Voor het aanvragen van een lezing klikt u hier op: Aanvraag
lezing.
Begrafenisrituelen in het Oude Egypte
De Oudegyptische samenleving staat
bekend om zijn bewuste omgang met de overgang van het leven
naar een andere vorm van leven na de dood. De overgang van
het leven nu naar die andere werkelijkheid werd als het belangrijkste
overgangsmoment in een mensenleven gezien. Om dit veranderingsproces
in goede banen te leiden werden specifieke rituelen uitgevoerd
bij de begrafenis. Uit hiërogliefenteksten blijkt dat de Egyptenaren
nadachten over hun specifieke wensen ten aanzien van de begrafenis.
Hierbij valt niet alleen te denken aan het opstellen van een
formeel testament waarin een deel van de persoonlijk bezittingen
aan de achterblijvenden werd nagelaten. Ook zijn aandoenlijke
teksten en voorstellingen bekend waarbij specifieke wensen
te kennen zijn gegeven over het 'Dodenbanket' dat familie
en vrienden samen met de overledene in de grafkapel zouden
vieren. De oude Egyptenaren geloofden namelijk dat wanneer
iemand dood ging, zijn ziel verder zou leven in het Dodenrijk.
De ziel werd voorgesteld als een vogel met een mensenhoofd
en werd 'ba' genoemd. Om te kunnen leven in het Dodenrijk
had de ba-ziel wel zijn eigen gemummificeerde lichaam nodig.
Wanneer het lichaam verging, zou de ba-ziel de 'tweede dood'
sterven. Door de mummificatie hoopte men te worden opgenomen
in een kringloop van leven en dood. Een dergelijke levenscyclus
zagen de Egyptenaren overal om zich heen in de natuur. De
zon en de sterren gaan onder en komen weer op. De maan neemt
af en wast weer. Het Nijlwater zakt en komt dan weer tot overstroming.
Het graan sterft af op de velden en komt weer op. Dan moest
toch ook de mens na de dood steeds opnieuw kunnen voortleven?
Rituele handelingen zorgden ervoor dat alles werd bezworen
wat voor de overledene mis zou kunnen gaan bij de overtocht
naar het nieuwe leven in het Dodenrijk. Daarnaast bood het
uitvoeren van de aan strenge regels gebonden rituelen steun
aan de achterblijvenden bij het verwerken van het verlies
van hun dierbaren. Deze lezing wordt mogelijk gemaakt door
Yarden Vereniging en wordt uitsluitend gegeven in Yarden-crematoria
en -begraafplaatsen.
Flora
en Fauna in het Oude Egypte
Egypte is ten gevolge van haar droge
klimaat niet direct een land dat uitmunt in een weelderige
flora. De lotus werd door de Egyptenaren als een heilige waterplant
beschouwd. De witte lotus opent zijn kelk in de avond en sluit
zijn bloem bij zonsopkomst. Het is niet verwonderlijk dat
deze nachtbloem in verband werd gebracht met de drijvende
sterren op het lichaam van de hemelgodin Noet. De blauwe lotus
opent zijn kelk juist in de ochtend. Bij zonsondergang sluit
de bloem zich weer. Volgens een oud scheppingsverhaal rees
een enorme blauwe lotus op uit het oerwater. Vanuit de zich
openende kelk maakte de opkomende zonnegod Chepri zich vrij.
Dit motief werd opgevat als het symbool voor de wederopstanding
uit de dood. Een amulet in de vorm van de blauwe lotus was
daarom een geliefd sieraad dat aan een mummie werd meegegeven.
Graan vormde in Egypte het belangrijkste gewas voor zowel
de brood- als bierproductie. Osiris, de god van de wederopstanding
uit de dood, zou er voor zorgen dat ieder jaar het graan zou
groeien. Voorstellingen zijn bekend waarbij het graan uit
het mummievormige lichaam van Osiris opkomt. In het begrafenisgebruik
werd een houten bak in de vorm van Osiris gevuld met Nijlklei.
Wanneer de daarin gezaaide graankorrels ontkiemden, werd deze
groene graanmummie in het graf achtergelaten om daarmee de
wederopstanding van de dode te bevorderen. Ook dieren hebben
een grote rol gespeeld in de godsdienstige opvattingen van
de Egyptenaren. Men was vooral onder de indruk van hun 'anders
zijn'. Bekende voorbeelden van dierverering zijn de koe, de
baviaan en de ibis. Ook de kat en de hond, die als huisdieren
voorkwamen, werden als verschijningsvormen van de goden beschouwd.
Een van de meest bekende voorbeelden is de jakhalsgod Anoebis
die de dode zou mummificeren en begeleiden in het Dodenrijk.
Beeldhouwwerken
uit Amarna
De kunst van de Amarna-periode wijkt
in grote mate af van de typische Egyptische kunst. Hier kwam
de kunst tot een uiterste individualisatie en tot de weergave
van spontane, momentgebonden situaties en gevoelens. Daarbij
vallen vooral de ongebruikelijke scènes op van Achnaton samen
met zijn vrouw Nefertiti en hun dochters in intieme huiselijke
kring. De portretten en beelden afkomstig uit de beeldhouwateliers
van Tell el-Amarna vertonen een duidelijke persoonlijke fysionomie.
De vroege Amarna-kunst wordt daarbij gekenmerkt door een karikaturaal
realisme. Dit komt tot uitdrukking in de overdreven weergave
van lange armen en benen, langgerekte hoofden, magere bovenlijven,
brede heupen en dikke dijen. Deze periode werd beheerst door
de opperbeeldhouwer Bak, die volgens een tekst op één van
zijn monumenten persoonlijk door Achnaton werd geïnstrueerd.
De tweede helft van de Amarna-periode kenmerkt zich door een
toenemend idealisme. Normaal geproportioneerde gezichten en
lichamen doen zich voor. Een zekere weekheid van de buik-
en beenpartij blijft echter in zwang. Beroemde voorbeelden
uit deze fase zijn de polychroom beschilderde buste van Nefertiti
en de gipsportretten die alle gevonden zijn in het atelier
van Thoetmoses. Hij was in die periode de opperbeeldhouwer
in Amarna. Het is onduidelijk wat de oorzaken zijn geweest
tot de geleidelijke terugkeer naar de oude geïdealiseerde
kunst tijdens Achnaton's regering. Dat de kunstenaars die
Achnaton nodig had voor zijn programma zo snel konden overschakelen
van de ene stijl naar de andere, bewijst dat de Amarnakunst
geen totale breuk met het verleden betekende. De kunst bleef
in wezen een 'weetkunst'. De kunstenaar beeldde iets af zoals
hij wist dat het er uit zag, niet zoals hij het werkelijk
zag. Hij gebruikte geen perspectief en alles wat daarmee samenhing.
Voorwerpen, lichamen, planten en gebouwen bleven een optelsom
van onderdelen en waren geen organisch geheel zoals in de
Grieks-Romeinse kunst. Hiermee bleef ook de Amarnakunst, zelfs
in zijn meest extreme vormen, puur Egyptisch en heeft het
de gestelde grenzen niet overschreden.
De Verborgen Tombe
Drieduizend jaar geleden regeerde
een hogepriester van Amon, Mencheperra, als koning over het
zuiden van Egypte. Ondanks zijn tweeënveertigjarige bewind
is weinig over deze koning bekend. Slechts enkele voorstellingen
en naamsvermeldingen staan weergegeven op tempelmuren. Opvallend
is dat ook geen enkel grafvoorwerp van deze koning is teruggevonden.
Het sterke vermoeden bestaat dat het nooit ontdekte graf van
Mencheperra nog ongeschonden is. De broer van Mencheperra
is beter bekend. Zijn naam luidt Pasebachanioet en regeerde
in diezelfde periode over het noorden van Egypte. Zijn met
goudschatten gevulde tombe werd in 1939 door de Franse egyptoloog
Pierre Montet in de Nijldelta ontdekt. Het is aantoonbaar
dat het vele goud en zilver dat in het noorden werd aangetroffen
uit de in het zuiden van Egypte gelegen graven van het Dal
der Koningen is gehaald. Mencheperra heeft dit aan zijn broer
Pasebachanioet geschonken. Mencheperra zal als de koning van
het zuiden zichzelf beslist niet zijn vergeten door een prachtig
graf met goudschatten te vullen.
Deze lezing is gebaseerd op de historische feiten die zijn
verwerkt in de roman De
Verborgen Tombe. U wordt in het boek van Huub Pragt
meegenomen naar het Oude Egypte van de 21ste dynastie. Het
is de tijd waarin de Thebaanse hogepriester van Amon Mencheperra
mummies van farao's uit het Dal der Koningen liet herbegraven
in goed verscholen cachettes. De kostbare grafuitrustingen
van de farao's werden door hem elders verstopt. Moderne onderzoekers
komen op het spoor van de verbogen tombe van Mencheperra.
Deze lezing wordt mogelijk gemaakt door Yarden Vereniging en wordt uitsluitend gegeven in Yarden-crematoria
en -begraafplaatsen. Na de lezing wordt het boek verkocht en signeert Huub Pragt
de verkochte exemplaren. Het boek kost € 19,90.
Toetanchamon
Van farao Toetanchamon is bekend
dat hij als 'koningszoon' in de door Achnaton gestichte hoofdstad
Achetaton, het huidige Tell el-Amarna, is geboren. Daar werd
hij onder de naam Toetanchaton als het 'Levend Evenbeeld van
Aton' beschouwd. Als negenjarige jongen besteeg hij de troon
onder zijn nieuwe naam Toetanchamon. Hij herstelde de cultus
voor de god Amon-Ra en verhuisde vanuit zijn geboortestad
naar de vroegere religieuze hoofdstad Thebe.
In een fascinerende lezing vertelt Huub Pragt hoe het graf
van Toetanchamon in 1922 werd ontdekt door de Britse archeoloog
Howard Carter en zijn geldschieter Lord Carnarvon. Prachtige
kunstschatten zoals het beroemde gouden masker kwamen daarbij
aan het licht. Dieper wordt ingegaan op de mysterieuze dood
van de achttienjarige koning.
Nubië:
Land van de Zwarte farao's
Nubië, het land langs de Nijl
ten zuiden van de eerste cataract, kent een lange en rijke
geschiedenis. Voor Egypte was Nubië van cruciaal belang
voor het goud en andere kostbare statusproducten. Het gebied
werd eeuwenlang gecontroleerd door de faraonische cultuur.
In de Late Tijd werden de rollen gedurende ongeveer een eeuw
omgedraaid. De vorsten uit het koninkrijk van Koesj regeerden
tijdens de 25ste dynastie over Egypte. De invloed van de faraonische
cultuur zou nog in Nubië naklinken tot in de Meroïtische
tijd.
In deze avondlezing neemt Huub Pragt u mee naar de piramides
van het oude Meroë, de tempels van Amon en de Meroïtische
oorlogs- en vruchtbaarheidsgod Apedemak. In de woestijn bij
de huidige Soedanese plaats El Koerroe zijn de piramides van
de 'Zwarte Farao's' te vinden. Op enkele kilometers daar vandaan
was aan de voet van de Gebel Barkal ooit de oude stad Napata
gelegen. Farao Thoetmoses III beschouwde dit gebied als de
zuidelijke grens van zijn machtige Egyptische koninkrijk.
Aan het einde van het Nieuwe Rijk werd Napata de hoofdstad
van Koesj. De zwarte farao Piye verbouwde hier de tempel van
Amon en richtte er zijn overwinningsstèle op.
De Nachtelijke Hemelreis
Het Oudegyptische dodengeloof is
voor ons westerse denken soms moeilijk te begrijpen. Religieuze
teksten en mythologische voorstellingen zijn op verschillende
manieren te bekijken, hebben verschillende 'betekenislagen',
en lijken voor ons vaak met elkaar in tegenspraak. Toch staan
alle betekenislagen wel degelijk met elkaar in verband. Zo
wordt het overlijden van een persoon gelijkgesteld aan het
ondergaan van de zonnegod Ra. Het proces dat de dode daarna
doormaakt loopt parallel aan de bootreis die de ondergegane
zon aflegt tijdens de twaalf uren van de nacht. De vaarroute
van de zonneboot gaat langs de sterren die zich bevinden in
het lichaam van de hemelgodin Noet. Dit complexe proces vormt
niet alleen de garantie voor een kosmische vernieuwing. Het
nachtelijke verblijf van de dode in het moederlichaam van
Noet is er ook op gericht om de dode weer tot leven te wekken
middels een wedergeboorte.
Hiërogliefenschrift
Het Egyptische hiërogliefenschrift
behoort tot de meest kunstzinnige schriftsystemen ter wereld.
Toch zijn de raadselachtige beeldtekens van de Oude Egyptenaren
niet zomaar symbolen. De verschillende voorstellingen van
vogels, planten, watergolven en lopende benen zijn bedoeld
om als klanktekens te worden gelezen. Net als in een rebus
vormen de klankcombinaties van de tekens de bedoelde Egyptische
woorden. De meeste woorden zijn dan ook uit meer hiërogliefen
opgebouwd. De hiëroglifische tekens komen niet alleen
voor op tempelwanden, maar ook op prachtige voorwerpen die
in musea worden bewaard.
Met enthousiasme en humor daagt Egyptoloog Huub Pragt zijn
publiek uit om in een workshop Hiërogliefenschrift verschillende
Egyptische tekens met elkaar te combineren waardoor de namen
van goden en farao's kunnen worden gelezen.
Deze workshop kan worden gecombineerd
met een lunch en een begeleid bezoek aan de Egyptische collectie
van het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden.
Deelnemers: maximaal 100 personen,
minimaal 12 personen.
Kosten op aanvraag.
Voor het aanvragen van een lezing
klikt u hier op: Aanvraag
lezing. |